• 21.11.2011
    Herbergen 2011

  • Herbergen 2011

    Het tweede initiatief van Stichting Herbergen of de reeks bouw en verbeelding,Herbergen 2011, houdt zich bezig met de klassieke driehoeksverhouding tussen museum, collectie en publiek. Waar in de traditionele galerie de kunst wordt gesepareerd van de omgeving, zal er bij Herbergen 2011 een verbinding worden gezocht tussen het gebouw, het publiek en het werk. In het ontwerp wordt de verhouding tussen de kunstwerken en de ruimte vormgegeven. Drie kamers, of aan elkaar geschakelde tombes, bepalen het aangezicht. Elk van deze ruimtes creëert, in de afwijking binnen eenzelfde vorm, voor de kunstwerken specifieke condities. De kunstenaars vragen de toeschouwer opnieuw te kijken door het vertrouwde, ogenschijnlijk gewone te isoleren in een onderzoeken naar dagelijkse, vanzelfsprekende ordeningen.

    Plaats Bergen (NH)
    Samenwerking met Johannes van Assem, Trude van Assem, Jelle Ooijevaar & Lisa van Wieringen
    Status gerealiseerd
    Jaar 2011
    Budget 3.500 euro incl. btw

    Naar de website van stichting Herbergen

    Download hier de brochure Herbergen 2011 of stuur een mail naar mail@lilithronnervanhooijdonk.nl om voor 10 euro een hardcopy per post te bestellen.

    Het polderlandschap van Bergen vraagt om een weerwoord dat voldoende krachtig is om weerstand te bieden tegen de bestaande weidsheid. Dit vindt zijn uitwerking in de sterke sculpturale vormentaal die het paviljoen aanneemt. Drie volumineuze kamers, of aan elkaar geschakelde tombes, bepalen in eerste instantie het aangezicht. Deze kamers vormen een drieluik waar de kunstenaars het werk presenteren. Elk van de drie ruimten heeft een andere uitvoering, de middelste is dicht, zodat hier een droog en warm onderkomen kan worden gerealiseerd voor de suppoosten. De buitenste twee beuken vormen een variatie op de middelste beuk. Eén wordt ingericht als filmkamer; een intieme ruimte waar de filmische portretten van Lisa van Wieringen in een schemerende klankkast worden vertoond. De ander biedt ruimte voor een groot fotowerk. Door één zijde te openen wordt de distantie tot de achterwand vergroot waarmee de mogelijkheid wordt gecreëerd het werk vanuit een wisselend decor te bekijken.

    Bij nadere bestudering is er een tweede onderverdeling te maken in het ontwerp. Het paviljoen bestaat uit een basement van gecomprimeerde aardestenen van zand en klei met daarbovenop een lichtere constructie van houten wanden en daken. De omgeving wordt zo letterlijk in het paviljoen verwerkt. Eerst is een kuil gegraven op het boerenerf, waarna het zand vermengd met klei tot geperste blokken is gemaakt. Deze stenen vormen het materiaal voor de vloer en een deel van de muren van het paviljoen. De grondstoffen die het landschap biedt vinden zo een vertaling in het gebouwtje. Bij het afbreken van het paviljoen zal de kuil met dezelfde grondstoffen worden gedicht. Naast de esthetische waarde van de stenen ligt aan deze keuze ook een duurzaam uitgangspunt ten grondslag. Het paviljoen dient slechts voor korte als expositieruimte. Gebruik maken van herbruikbare materialen verkleint de invloed van het gebouw op de omgeving.